Een rugzak vol
Details
206 p. : ill.
Besprekingen
NBD Biblion
Pluizer
Die kaft … ik herken onmiddellijk de Faasstijl en dan ben ik verkocht. Als Pieter Koolwijk dan ook nog eens de auteur is, dan lijkt me de kans groot dat dit weer een topper wordt.
Obi’s ouders zijn gescheiden en op z’n zachtst gezegd verloopt die scheiding niet zo vlot. Obi voelt zich vaak een speelbal tussen een ruziënde vader en moeder in. Zo ook deze bewuste dag: zoonlief moet met de trein bij zijn moeder geraken omdat papa hem niet kan (wil?) brengen en zijn mama hem niet kan (wil?) ophalen. Als hij dan ook nog een gedrocht van een rugzak moet gebruiken omdat hij de zijne kwijtgespeeld is, voelt hij dat dit z’n dag niet zal worden. Of wel?
Tot een treinrit komt het uiteindelijk niet omdat Obi te veel geld uitgaf aan een zakmes en daardoor geen treinkaartje meer kan betalen. Dat wordt dus wandelen naar het volgende station. Tijdens die wandeling ontdekt Obi dat zijn rugzak wel heel speciaal is: er schuilt leven in in de vorm van een zaadje/boom, een wolkje, een worm, een druppel, een vlam en uiteindelijk ook een toeter. Een bezorgde vrouw, Babs, en haar dochter, Saar, pikken Obi met hun busje op. Na een moeilijke start appreciëren Saar en Obi elkaar steeds meer. Met hun drietjes beleven ze allerlei avonturen.
Dit verhaal samenvatten zou voor gefronste wenkbrauwen zorgen, maar als lezer doe je dat absoluut niet. Koolwijk is kampioen in het geloofwaardig en vlot schrijven van bizarre verhalen. Dat dit alles pure fantasie is, is duidelijk maar nooit raakte hij me kwijt omdat de dubbele bodem zo hartverwarmend is. De link tussen het letterlijk en figuurlijk dragen van een rugzak is prachtig uitgewerkt. De bizarre bewoners van de rugzak blijken een dubbele betekenis hebben. Vlam is bijvoorbeeld sterk aanwezig bij boosheid en de druppel bij verdriet. Zo krijgt elk wezentje gaandeweg een duidelijke inhoud en verwijzen ze naar de gevoelens en het gedrag van Obi.
Er gebeurt veel in het boek en het lezen ervan gaat erg vlot. Het is opgedeeld in 32 korte hoofdstukken. De groei die Saar en Obi doormaken is opvallend. Het verwerkingsproces van Obi is herkenbaar en houdt voor gescheiden ouders en hun kinderen een spiegel voor.
De illustraties van Faas voelen als een warm dekentje en geven het verhaal mooi weer.
Een absolute aanrader!
Trouw
Pieter Koolwijk schrijft graag over stemmetjes. In Gozert en Luna hoorden die bij een onzichtbaar vriendje, in Schatpakkers bij brutale wezentjes. In zijn nieuwste boek, Een rugzak vol, zijn het Worm, Vlam, Wolkje, Druppel en Plant die het hoogste woord voeren. Ze leven in een magische rugzak, die eruitziet alsof hij uit de Tweede Wereldoorlog komt. Of misschien de Eerste. Zo erg stinkt hij, vindt hoofdpersoon Obi.
Het verhaal begint als Obi alleen met de trein moet. 'Stom dat je moeder je niet wil halen', moppert zijn vader. Dus druipt Obi alleen af. Op zijn rug bungelt een veel te grote rugzak met riempjes, die zijn vader bij de kringloop heeft gekocht. Obi vindt het een lelijk geval en wil hem gaan ruilen. Dat mislukt, maar in de winkel ziet hij een zakmes van 2 euro 50. Tot zijn schrik heeft hij nu niet genoeg geld meer voor een treinkaartje, dus besluit hij langs het spoor te lopen naar een volgend station. Zo begint een bijzonder avontuur, waarin Obi heel wat te stellen krijgt met zijn tas. Daarin zit een zaadje dat uitgroeit tot een plant. Er blijken nog meer wezentjes in te zitten, die zich allemaal bemoeien met wat hij doet.
Een rugzak vol gaat over emoties, vriendschap en tekortschietende ouders, verpakt in een fijn verhaal vol onverwachte wendingen. Pieter Koolwijk is lekker op dreef en laat Obi van alles beleven. Hij wordt bestolen door twee oudjes op een bromfiets en krijgt vervolgens een lift in een vrolijk beschilderd busje. Achter het stuur zit Babs, op de achterbank haar boze dochter Saar. Ze zijn een weekje samen op pad en doen niks anders dan ruziemaken. Saar vindt Obi een gek joch met vreemde verhalen. Obi vindt haar een mopperkont.
Onderweg piekert Obi wat af over zijn altijd maar ruziënde ouders en zijn gevoelens. Zo worden de stemmetjes in zijn tas steeds drukker. Als hij zich rot voelt kan Wolkje 'stinken als een onderbroek die al honderd keer is gebruikt'. Worm is een scharminkel dat zich opblaast als Obi bang wordt. Druppel krijgt vleugels als Obi verdrietig is, en Vlam laait op bij boosheid.
Ze bewegen mee met zijn emoties en worden het niet eens. Dat ligt er wat dik bovenop, maar zo begrijpt de jonge lezer sneller wat Obi dwarszit dan hijzelf. Want Obi worstelt: zie het allemaal maar eens in evenwicht te krijgen, zo'n kibbelende rugzak.
Dat het zo goed werkt, is ook te danken aan de fabelachtige tekeningen van Koolwijks vaste illustrator, Linde Faas. Met Druppel op zijn schouders lijkt Obi net een engel met breekbare vleugels. Plant, die een metafoor is voor Obi's zelfvertrouwen, groeit tijdens de reis uit tot een jonge boom met uitwaaierende takken.
Maar niet voordat Obi een geweldig avontuur heeft beleefd, dat Faas aan het slot samenvat in een intens oranjerood schilderij vol luchtballonnen.